Essiac thee van de Ojibway Indianen

De basis van de beroemde Essiac-thee is een oud recept van de Ojibwa-indianen uit Noord-Amerika,
dat herontdekt is door Rene Caisse.

  • Home
  • Ojibway Indianen

De Ojibway Indianen leven aan de oevers het Bovenmeer.

De Algonquin stam behorend bij de Ojibway Indianen leefden aan de oevers het Bovenmeer, Huronmeer en in het noordwesten van het Michigan. De Ojibways waren nomadische jagers evenals bekwame vissers die hun leven georganiseerd hadden rond de oogst van wilde rijst die in overvloed groeide rond grote de rivieren en meren.

De vijf Grote Meren vanuit de ruimte; het Bovenmeer is op de foto het meer linksboven.  De grote meren vanuit de ruimte

Geneeskunde van Ojibway Indianen

De Chief in deze samenleving was een Sjamaan. De Ojibways erkende vier specialisatie niveaus t.a.v. de geneeskunde. Het hoogste niveau was de Midewiwin ( priester), de 2e groep waren de Wabenos (de mannen van de dageraad ). Zij kende alle formules om geluk te brengen bij het jagen. De derde groep waren de Jessakid, de helderzienden en de profeten en tenslotte waren er de kruidendokters ( Mashki - kike - winini ) die begrepen de eigenschappen van een groot aantal planten, kruiden en wortels. De geneeskrachtige formules In de Ojibway maatschappij werden doorgegeven van de ene generatie naar de volgende, geëtst in berkenschors met behulp van een picturale vorm van het schrijven.

Kruidendokters Ojibway Indianen.

Er is nog veel mysterie rond veel van de remedies door deze kruidendokters en helaas is een groot deel van dit kostbare erfgoed voor altijd verloren. De verhalen van kolonisten vertellen hoe de Ojibway medicijnmannen veel wisten van de eigenschappen van de enorme verscheidenheid aan planten en kruiden in het gebied. Ze werden gebruikt als laxeermiddelen, diuretica, ontwormers, of ter bevordering van de fertiliteit. Ze waren bekend met de praktijken van het stelpen van bloedingen en toepassing van kompressen.

René Caisse en Essiac thee

Een van de oude Ojibway kruiden-behandelingen werd nieuw leven ingeblazen in het begin van de twintigste eeuw door Rene Caisse (1888-1978) een verpleegster die in Ontario het recept kreeg van een vrouw die genezen was van een borsttumor. Zij had het recept gekregen van een medicijnman. Volgens de meest betrouwbare bronnen bestaat de originele kruidenthee uit minstens 4 kruiden (anderen zeggen enkel 4) namelijk: bast van de Rode Iep, Rabarber, Schapenzuring en Kliswortel. De Westerse fytotherapie herkent deze planten ook. Ze staan bekend om sterk zuiverende en ontgiftende elementen.

Nadat Rene Caisse verder mocht experimenteren van de overheid zijn er 4 andere kruiden aan toegevoegd. Maar de originele 4 kruiden zijn nog altijd de belangrijkste bestanddelen. Om deze makkelijk uit elkaar te houden spreekt men dan over Flor Essence. Wij verkopen de de 8 kruidenformule omdat deze het meest is getest onder medisch toezicht. Maar we houden gewoon de naam van mevrouw Caisse aan. Dus Essiac. Uit respect want ze heeft het recept nooit willen patenteren al had ze daar wel de kans toe. Het recept staat hier. Er is helemaal niets geheims aan. Ze komen gewoon in het wild voor. Behalve de Rode Iep, die heeft het zwaar in Noord-Amerika omdat de bast teveel gewonnen wordt. Ook voor andere medicijnen. Dan gaan de bomen dood. Daar wordt nu hard aan gewerkt om voldoende beschikbaar te houden voor ons nageslacht. 

De Ojibways

De Ojibways gebruikte de schors van de Rode Iep voornamelijk om wonden te helen maar werd ook als gunstig beschouwd voor vele huidziekten en de behandeling van tumoren. Kliswortel (Arctium lappa ) werd gebruikt bij ceremonies maar ook bij de voorbereiding van behandelingen voor maagpijn. Het kruid wordt geroemd door belangrijke zuiverende kwaliteiten. Schapen zuring (Rumex acetosella ) en dan met name de wortels hebben een hoog tanninegehalte dit helpt de genezing van wonden en de reiniging van zweren. Het laatste kruid in de 4 kruidenformule is rabarber. Rabarberwortel (Rheum palmatum) is een Euro-Aziatisch soort. Indianen gebruikte de wilde rabarber die groeit rond de Grote Meren, bekend als mechameck en heeft gelijkaardige therapeutische eigenschappen als de Rheuum palmatum. Alleen de laatste is beter van smaak omdat veel mensen door de wilde rabarber (erg bitter) moeite hadden de thee te drinken.

Waarde etnische geneeskunde

Vandaag de dag begint men steeds meer de wetenschappelijke waarde te herkennen van zogenaamde " etnische geneeskunde" . Biochemici zijn meer en meer bereid om oude (kruidendokter) tradities door zogenaamde " primitieve " bevolkingsgroepen nader te onderzoeken en te gebruiken. Voorheen werden deze vooral met argwaan bekeken. Juist op het gebied van oncologie moeten alle potentiële therapieën beschikbaar komen om zo iedereen de mogelijkheid te geven om de behandeling ook zelf te kiezen. Keuzevrijheid is echter alleen mogelijk wanneer u toegang heeft tot voldoende gegevens en daar wordt gelukkig hard aan gewerkt door met name alternatieve artsen.